Je hebt een bedrijf op het oog, de gesprekken lopen goed en de koopsom voelt realistisch. Op het moment dat je een financier betrekt, verandert het tempo. Er worden stapels documenten opgevraagd, accountants duiken in de boeken en weken later krijg je een lijst met vragen waar je niet op had gerekend. Wat er dan precies gebeurt, waarom financiers dit proces zo serieus nemen en wat zij concreet van jou verwachten: daar gaat dit artikel over.
Waarom due diligence bij een overname zwaarder weegt dan bij een gewone zakelijke lening
Een reguliere zakelijke lening gaat over een bedrijf dat al bestaat en dat je al kent. Bij een bedrijfsovername financiert een bank of investeerder iets wat voor jou nog onbekend terrein is. Je koopt niet alleen de activa of de omzet, je neemt ook verborgen verplichtingen, historische beslissingen en operationele risico’s over die je pas na de overname volledig begrijpt. Dat maakt de risicokloof voor financiers fundamenteel anders. Ze lenen niet aan een lopend bedrijf, maar aan een transitie. En transities mislukken vaker dan continuïteit.
Dat is ook de reden dat financiers bij een overname dieper graven, meer documenten opvragen en harder onderhandelen over zekerheden dan bij een investeringskrediet voor een nieuwe machine. Hoe beter jij begrijpt wat ze zoeken, hoe groter je kans dat het proces soepel verloopt.
Stap 1: Het informatiepakket dat je klaar moet hebben vóór het eerste gesprek
Financiers beginnen hun beoordeling al bij de eerste ontmoeting. Ze kijken naar hoe goed jij als koper het bedrijf kent. Heb jij de jaarcijfers van de afgelopen drie jaar bij de hand, inclusief de specificaties per kostenpost? Is de fiscale positie van het bedrijf helder, denk aan belastingschulden, lopende bezwaren of openstaande Vpb-aanslagen? Weet je welke klanten samen meer dan twintig tot dertig procent van de omzet vertegenwoordigen?
Maak ook een contractenregister: een overzicht van alle lopende overeenkomsten met klanten, leveranciers, huurcontracten en financieringsafspraken. Ontbreekt dit overzicht, dan interpreteert een financier dat als een teken dat jij het bedrijf zelf nog niet goed genoeg kent. Dat wekt geen vertrouwen.
Stap 2: Financiële due diligence, de echte winstgevendheid achter de cijfers
Stel: het bedrijf dat je wilt overnemen toont een EBITDA van 400.000 euro. Maar de huidige eigenaar rijdt in een Porsche Cayenne die volledig door de zaak wordt betaald, neemt twee familieleden in dienst tegen marktconform salaris, en heeft vorig jaar een eenmalige subsidie ontvangen die de winst tijdelijk opblies. Financiers normaliseren de EBITDA door dit soort posten eruit te filteren. Wat overblijft, de gecorrigeerde of genormaliseerde EBITDA, is de basis voor hun berekeningen.
Als koper doe je er verstandig aan dit normalisatieproces zelf al vóór het gesprek door te lopen. Vraag de verkoper om een gedetailleerde specificatie van alle kosten die direct aan de persoon van de eigenaar zijn gekoppeld. Een accountant die gespecialiseerd is in overnametrajecten helpt je hierbij. Financiers waarderen het als je zelf al een gecorrigeerde winst- en verliesrekening kunt presenteren in plaats van alleen de aangeleverde jaarrekening.
Stap 3: Juridische due diligence, wat er schuilgaat in contracten en vergunningen
Een ICT-bedrijf in Amsterdam heeft een groot contract met een gemeente. In dat contract staat een change-of-control-clausule: bij eigendomsoverdracht mag de gemeente het contract ontbinden. Als de financier dit ontdekt en jij niet, dan heb je een groot probleem. Dit is het soort risico waarop juridische due diligence is gericht.
Financiers laten hun juristen kijken naar lopende geschillen, garantieclaims van vorige klanten, de geldigheid van vergunningen en de vraag of intellectueel eigendom echt op naam staat van de onderneming en niet op de naam van de eigenaar privé. Als een softwarebedrijf zijn broncode nooit formeel heeft overgedragen aan de bv, dan bezit de bv eigenlijk niets wat het waard is. Laat je eigen jurist dit traject meelopen en documenteer de uitkomsten helder.
Stap 4: Operationele due diligence, wat er gebeurt als de huidige eigenaar vertrekt
Een slagerij in Groningen draait volledig op de reputatie en het netwerk van de eigenaar die al veertig jaar klanten kent. Zodra hij weg is, volgt hij zijn vaste klanten misschien naar een concurrent. Financiers stellen zichzelf altijd de vraag: hoe kwetsbaar is dit bedrijf voor het vertrek van sleutelpersonen?
Dat geldt niet alleen voor de eigenaar, maar ook voor de accountmanager die tachtig procent van de nieuwe opdrachten binnenhaalt, of de technisch specialist zonder wie de productie stilvalt. Zorg als koper dat je een helder antwoord hebt op deze vraag. Denk aan een earn-out voor de verkoper, een aanblij fclausule voor kritieke medewerkers, of een overdrachtsplan dat minstens zes tot twaalf maanden beslaat.
Stap 5: Hoe financiers de overnameprijs toetsen aan de financieringscapaciteit
Een financier kijkt niet alleen of het bedrijf gezond is, maar ook of de koopsom realistisch is ten opzichte van de kasstroom. De twee ratio’s die daarbij centraal staan zijn de debt service coverage ratio (DSCR) en de loan-to-value (LTV). De DSCR geeft aan of de jaarlijkse kasstroom hoog genoeg is om rente en aflossing te betalen liefst met een buffer. De LTV vergelijkt de lening met de waarde van de zekerheden.
Als de koopsom te hoog is en jouw financieringsaanvraag groter is dan de kasstroom aankan, dan geeft een bank geen akkoord, hoe mooi het bedrijf verder ook is. In dat geval zijn er oplossingen, zoals een verkopersfinancering waarbij de verkoper een deel van de koopsom achterhoudt als achtergestelde lening, of een lagere koopprijs. Bespreek dit scenario tijdig met je financieel adviseur, vóór je een bod doet.
Stap 6: Rode vlaggen die financiers doen afhaken, en hoe je ze voor bent
Er zijn een handvol bevindingen die financiers structureel doen stoppen. Denk aan omzetconcentratie waarbij één klant meer dan veertig procent van de omzet vertegenwoordigt, belastingschulden die jaren zijn opgebouwd zonder betalingsregeling, of jaarcijfers die materieel afwijken van de gerapporteerde managementcijfers. Ook een negatief eigen vermogen of een werkkapitaaltekort zijn directe alarmsignalen.
Het advies is duidelijk: wacht niet tot financiers deze punten zelf vinden. Identificeer ze zelf vóór het eerste gesprek, en kom met een concrete oplossing of toelichting. Een financier die een rode vlag zelf ontdekt, trekt vertrouwen in jou als koper terug. Een financier die hoort hoe jij het probleem al hebt geanalyseerd en aangepakt, ervaart dat als een teken van zakelijke volwassenheid.
Stap 7: De vendor due diligence als versneller
Steeds vaker laat de verkoper zelf al een due diligence-rapport opstellen vóórdat potentiële kopers in beeld komen. Dit heet vendor due diligence (VDD). Het voordeel is aanzienlijk: financiers kunnen sneller schakelen omdat een groot deel van het feitenonderzoek al is gedaan door een onafhankelijke partij. Bij grotere overnames boven de twee miljoen euro is een VDD tegenwoordig eerder regel dan uitzondering.
Als koper moet je wel weten dat een VDD-rapport is opgesteld in opdracht van de verkoper. Laat je eigen adviseur de bevindingen kritisch beoordelen en stel aanvullende vragen daar waar het rapport vaag of onvolledig is. Behandel het als een nuttig startpunt, niet als een eindpunt.
Stap 8: Van due diligence-rapport naar financieringsvoorstel
Als het due diligence-onderzoek is afgerond, vertalen financiers hun bevindingen naar concrete voorwaarden in een term sheet. Bevindingen die risico signaleren, leiden niet automatisch tot een afwijzing, maar ze worden wel vertaald naar zekerheden of covenanten. Een hogere klantenconcentratie resulteert bijvoorbeeld in een covenant die bepaalt dat de lening gedeeltelijk vervroegd afgelost wordt als die klant wegvalt. Onzekerheid over de toekomstige kasstroom leidt tot een hogere rentemarge of een lagere financieringsgraad.
Lees de term sheet samen met je adviseur woord voor woord door. De covenanten in dat document bepalen hoe vrij jij als nieuwe eigenaar straks kunt ondernemen. Te strikte covenanten kunnen je bedrijfsvoering beperken, en dat verdient net zoveel aandacht als de rente die je betaalt.
Praktisch: voer zelf een pre-due diligence uit voordat financiers beginnen
Het slimste wat je kunt doen vóór elk gesprek met een financier is zelf een zelfscan uitvoeren op het bedrijf dat je wilt overnemen. Stel jezelf de vragen die een bank straks ook stelt. Hoe ziet de klantenportefeuille eruit qua spreiding? Zijn alle vergunningen geldig en op naam van de rechtspersoon? Kloppen de cijfers in de jaarrekening met de bankafschriften? Zijn er onopgeloste conflicten met ex-medewerkers, leveranciers of de Belastingdienst?
Leg de uitkomsten vast in een overzichtelijk document. Dat dient dan twee doelen tegelijk: het geeft jou als koper inzicht in de werkelijke waarde en risico’s, en het laat de financier zien dat je serieus en grondig te werk gaat. En precies dat onderscheidt een koper die financiering krijgt van een koper die met lege handen thuiskomt.
Financiers willen geen perfect bedrijf zien, maar een koper die begrijpt wat hij koopt en die risico’s helder kan benoemen. Wie zijn documentatie op orde heeft, eerlijk is over zwakke plekken en samenwerkt met adviseurs die overnameprocessen kennen, verkort het traject aanzienlijk. De due diligence is dan geen obstakel, maar een bevestiging dat de deal op een solide basis staat.